Een oud-IJslandvisser vertelt...

 

boek ijslandvaartOostendenaar Joris Surmont voer als werktuigkundige op twee IJslandtrawlers. Hij pende zijn

wedervaren neer in een boek getiteld 'Door de mazen van het net'. Naast de geschiedenis van de

IJslandvaart belicht hij in zijn werk ook thema's over visserijbeheer en visserijtechnieken.

De IJslandvaart spreekt vaak tot de verbeelding. De ruwe zeeën op de Noord- Atlantische Oceaan

en ten noorden van Schotland en het harde werk in guur weer verstoken van elk comfort, zijn de

aanleiding tot een heel apart verhaal waar de auteur over uitweidt.

 

Surmont monsterde op 15-jarige leeftijd aan als scheepsjongen op de O.32 Roland, een kotter

van de Oostendse 'bootsjouwerij'. Later bedreef hij de 'grote' visserij op IJsland alsook de

bokkenvisserij in de Keltische en de Ierse zee. Na een carrière op de zeevisserij stapte Surmont over

naar Defensie, waar hij als technisch officier bij de Marine aan boord van de fregatten Westdiep,

Wielingen en Wandelaar actief was.

 

Het Nederlandse weekblad 'Visserijnieuws' schreef in een recensie: 'Surmont schrijft op passionele

wijze over het leven aan boord van kotters en IJslandtrawlers. Kortom, een zeer lezenswaardig boek

boordevol historische en actuele informatie.'

 

Een stukje uit het boek:

 

In 2003 was ik met het fregat Wandelaar in Aberdeen in Schotland. Het deed me terugdenken aan

die nacht in januari 1975 aan boord van de Caesar, toen de schipper oordeelde toch het slechte

weer te trotseren en koers te zetten naar de Faeröereilanden, die halfweg het traject tussen Noord-

Schotland en IJsland gelegen zijn. De overige schepen deden dit niet. De ene ging bijliggen in

Sinclair’s Bay, aan de oostkust van Schotland net bezuiden de Orkney’s, de andere liep binnen

in Scrabster; daar was een goed zeemanshuis. Wij trotseerden de Pentland Firth, het 'Gat' in

visserstaal; de verbindingsweg tussen de Noordzee en de Noord-Atlantische Oceaan. Een brede

maar woeste doorgang waar veel stroming staat, aan weerszijden geflankeerd door immense

rotsen, waaronder de bekende ‘Old Man of Hoy’. Het minste technische mankement kan hier fataal

zijn. Vele schepen kwamen aan hun einde op deze Styx, de rivier die Hades, de onderwereld, scheidt

van de bewoonde wereld. Wellicht is de vuurtoren van Dunscansby Head aan de zuidelijke ingang

van de Pentland Firth ook de verblijfplaats van Charoon, de legendarische veerman op de Styx.

Aan de noordelijke uitgang was de vuurtoren van Dunnet Head ons laatste baken tot de Faeröer.

De lijst met vergane schepen in deze regio is indrukwekkend.

 

 

 

Het boek (ISBN 978-94-6089-427-5) wordt uitgegeven door de Nederlandse uitgeverij

Boekschout. Het is geïllustreerd, bevat 140 bladzijden en kost € 15,95.

 

Het werk is verkrijgbaar bij:

 

Brugse Boekhandel, Dyver 2 Brugge

Boekhandel Corman, Witte Nonnenstraat 38 Oostende

Boekhandel Luc, Thomas Van Loostraat 65 Oostende

Standaard Boekhandel, Kapellestraat 93 Oostende

Boekhandel Trianon, Koning Ridderdijk 44E Westende

VDC Boeken, Koninklijke baan 21 De Haan

Het Nationaal Visserijmuseum, Pastoor Schmitzstraat 5 Oostduinkerke.

Het Oostends historisch museum 'De Plate', Langestraat 69 Oostende

De inkomsten van het werk zijn ten bate van het Visserstehuis De Bolle te Oostende en van het

Steunfonds voor sociaal kansarme en verlaten kinderen van het gerechtelijke arrondissement

Brugge.

 

Meer informatie op http://www.ijslandvaart.net/