Hostyn-Dasseville kon kledingwinkel niet redden



Waar nu boekhandel Corman gevestigd is, baatte het jonge echtpaar Julien en Mariette Hostyn-Dasseville een hemdenwinkel ofte “chemiserie” uit.
De nu 81-jarige Mariette, moeder van museumconservator Norbert en kunstenares Dim, herinnert het zich als de dag van gisteren: Omstreeks 1 uur 's nachts kwam men kloppen met de mededeling dat we onze kelder moesten leegmaken. Daar lagen de winkelvoorraad en ook heel wat levensmiddelen gestapeld. Net toen ik voor de zoveelste keer met een vrachtje de keldertrap opklom, hoorde ik een enorme knal. Een van de zware schotbalken die gebruikt werd om de zeedijkhellingen af te sluiten, werd met het wassende water de kelder ingedreven.

Geen elektriciteit


Luttele ogenblikken later stond het water in de straat ruim 1 meter hoog. De winkel zelf lag weliswaar drie treden boven het straatniveau, maar ook daar stond het water 30 cm hoog. Kort daarop viel ook de elektriciteit uit. Daardoor bleven we geïsoleerd tot 's morgens. Bij het ochtendgloren zagen we vanuit ons raam de mensen staan kijken aan het Leopold I-plein, want tot daar stond het zeewater.


In de loop van de dag kwam mijn schoonvader met een huurbootje _ hij had er 100 frank voor betaald _ met een thermos soep en koffie en een koord om het vrachtje naar boven te hijsen. Ondertussen voer ook het Rode Kruis rond om melk te bedelen aan bejaarden en baby's. Maar wie de baby niet aan het raam kon tonen, ving bot. De maandag was het water al zoverre gezakt dat de Hostyns even naar hun schoonouders in de Alfons Pieterslaan konden.
In de loop van de week kwamen de pompiers de kelder leegpompen. Toen we bij het reinigen van die kelder een stoel en een mangel even op het trottoir zetten, ging er bijna direct iemand mee aan de haal. Mijn man heeft de dief aan het Marie-Joséplein kunnen inhalen.

{mosimage}

Toen ik een paar weken later met de kleine voor het eerst weer naar de weging trok, vroeg men daar langs de neus weg waarom ik hen nog niet bedankt had. Bleek dat ze ons een pak met kleren en een som geld hadden bezorgd. De levering was gebeurd, beweerden ze, want ze hadden een getekend afleveringsbewijs. Na enige aandringen kregen we dat document zelf ook onder ogen: de bode had het zelf getekend en meteen de schenking geïncaseerd in de veronderstelling dat wij toch rijk genoeg waren! Bij ons weten is de man nooit gesanctioneerd, vertelt Mariette Hostyn-Dasseville.


Zoutkristallen


Van deken Butaye mochten we net zoals zoveel andere families 3.000 frank ontvangen. Pas in maart konden we stilaan onze winkel weer openen. Nog jaren later stonden er zoutkristalen op de winkelmuren. We hebben daar een valse wand voorgezet. Toen we later een belastingscontrole kregen, dacht de bevoegde ambtenaar dat we achter die wand ons zwarte winkelvoorrraad bewaarden, stel je voor!


Tekst met toestemming overgenomen uit "De Zeewacht" van januari 2003.